zondag 29 juli 2012

Skutsjesilen

Skutsjesilen, een schilderij uit 1994
Het Skutsjesilen is gister begonnen. Terwijl ik stond te worstelen met mijn maaipatronen luisterde ik naar het verslag van Omrop Fryslan. Er stond weinig wind, maar zoals de verslaggever het weergaf leek het erg op Theo Koomen bij een sprintfinish van de Tour de France. En dat terwijl de skutsjes statig naar de finish dobberden. Grau heeft gewonnen, Sneek (vorig jaar kampioen) werd derde. Ik ben natuurlijk voor Sneek. In 1994 heb ik er een schilderij van gemaakt en ik laat het zien, omdat mijn laatste schilderij als mislukt beschouw. Het kan ook niet: half ter plekke en half uit het hoofd schilderen. Maaipatronen: een te vluchtig onderwerp.
Het mislukte schilderij
Gisteravond  zag het gemaaide landschap er bijna fluoriserend uit. Volgens een documentaire die ik een tijdje geleden zag, komt het zogenaamde Hollandse licht door de terugkaatsing  van het licht in grote wateroppervlaktes. Friesland merenland, het avondlicht deed de vlakte gloeien.
De luchten zijn door de weeromslag in ieder geval majestueus. Ik zal mijn horizon verlagen.

Nog iets aan de voorgrond gedaan

vrijdag 27 juli 2012

Sporen in het land

Albadawei, dezelfde vaart als het eerste schilderij


Schetsje met aquarel en krijt
Vanavond (vrijdag) is het een beetje gaan regenen. Daar hebben de boeren naar toe gewerkt. Het hooi moet nu verwerkt en binnen zijn. De patronen die zij maakten bij het maaien, deden me denken aan de krijttekeningen in Zuid-Engeland. Die paarden en grote mannen en zo. Witte tekens in een groen landschap. Hier zijn ze gelig en van geen artistieke waarde. Sommige maken er een rommeltje van (die zijn het mooist) en andere trekken geometrische banen.
Ik heb gister en eergister schetsen gemaakt van die patronen en ik ben met 2 schilderijen begonnen. Als ik de volgende dag terugkom, hebben de boeren het gras weer omgegooid en is het patroon veranderd. Ik schilder dus nu gedeeltelijk ter plekke en thuis (in het huis van Celine) werk ik verder naar aanleiding van de schetsen en foto’s. Vanaf morgen is het om het dorp heen weer een grote groene vlakte en moet ik weer mijn onderwerp vinden. Wat wil ik van Friesland weergeven?
Op weg naar Reard

Ik ben opgegroeid aan de noordkant van Sneek en je hoefde de straat maar uit te lopen en je stond in het weiland. Misschien dat ik daarom altijd van grote wijde vlaktes heb gehouden, maar om Friesland weer te geven, zal ik toch naar de details moeten gaan. Ik ben benieuwd!
Overigens, ik zie behalve roeken en meeuwen, hier helmaal geen vogels. Als ik buiten sta te schilderen in een park in Utrecht, hoor ik altijd vogels en nu, op het platte land van Friesland, had ik toch graag de leeuwerik gehoord. Dat geeft mij het ultieme zomergevoel vanuit mijn jeugd. 
De laatse schets is een voorstudie voor het schilderij dat ik morgen zal tonen.

donderdag 26 juli 2012

Poppenwier in de zomer

 Gezicht op Poppenwier vanaf de Albadawei
Twee dagen ben ik hier nu en ik heb een aantal schetsen en 1 schilderij af.
Ik pas op de sadistische kat van Celine. Ze wil aandacht en is aanhalig, maar haar opperste vorm van geluk uit zich in het geven van een haal.
Poppenwier ligt in de Greidhoeke. Weilanden, zo ver als je kunt kijken. Monocultuur, dus het gras is overal even groen. Dan ben je gauw klaar als schilder...
De opdracht die ik aan mezelf heb gesteld is: hoe breng ik variatie in het groen, zodat een enorme grasvlakte ook nog spannend is.
Eerste schets
Ik heb geluk: het is maaitijd. Tot de zon ondergaat zijn ze bezig met maaien, gras omgooien, uitspreiden en nog eens omgooien. .. Er onstaan prachtige patronen: geel, van het pas gemaaide gras en donkergroen, dat opzij gegooid is. Sporen in het landschap. Mijn thema voor deze week. Daarna is Friesland weer helemaal gemaaid en heb je aan de tubes blauw en groen genoeg.
Om er in te komen heb ik eerst een waterpartij gemaakt. “Gezicht op Poppenwier, vanaf de Albadawei”. De sporen zijn nog in de schetsfase en daar ga ik het morgen over hebben.

Aquarelletje

donderdag 12 juli 2012

Utrecht in de zomer

Wilgenbosje in de VVPolder  's ochtends 8 uur
Meestal, als de zomer aanbreekt, wordt Utrecht weer van mij. Iedereen zit op de camping of de Costa, studenten zijn naar huis en de stad is leeg. Plaats op het terras en in de bioscoop.
Deze zomer is het anders. De luchten zijn prachtig. Tussen de buien door ga ik naar het park om te schilderen. Weer in olieverf, want Laurens zegt dat ik een olieverfhand heb.
De kwast gaat makkelijker over het doek. Je kunt de kleuren door elkaar smeren.  Tussen de sessies in het park door, werk ik er thuis aan. Om daarna weer met het schilderij op de plek te gaan zitten. De terpentine maakt de huid nogal dof; een voordeel is, dat het snel droogt. De laatste fase is op het atelier, daar meng ik met terpentijn en lijnolie, dan komt er wat glans in. 
Dit schilderij zit in de atelierfase. Het contrast tussen voor en achtergrond moet nog wat groter, maar ik laat het jullie vast zien.
Van mijn stad heb ik dus nog niet zo veel genoten. Ik zat in park Voorveldse Polder en vanaf volgende ga ik een poosje in Friesland (Poppenwier) schilderen voor mijn tentoonstelling volgend jaar in Oosthem (bij IJlst). 
Deze zomer is anders.

donderdag 28 juni 2012

Vervolg Hooge Kampsepad

Resultaat van 28 juni
Eerste versie van 26 juni

























Vanmiddag ben ik teruggegaan om het schilderij af te maken. Zowaar; ik heb de rietzanger gezien! Hij vloog op uit het linker rietbosje toen ik de ezel aan het inpakken was.
Het hele doek heb ik overgeschilderd, behalve de lichte baan bovenin links. Volgende keer toch maar weer met acrylverf. Olieverf is nogal een gedoe.

woensdag 27 juni 2012

Hooge Kampsepad

Er hoort nog een dode boom bij die het beeld doorkruist

Gister ben ik naar het Hooge Kampsepad gegaan. Ik kwam daar vroeger wel op mijn skate-tochten; er loopt een fietspad langs een meertje (veenafgraving). Ze zijn nu bezig een moeras aan te leggen voor watervogel. Een gedeelte is al af en er zitten volgens een langskomende mevrouw met verrekijker, veel bijzondere soorten vogels, die daar ook broeden.
Zou ik op mijn oude dag toch nog een vogelaar worden? Ik kan alleen die namen niet onthouden en zingende vogels kan ik niet onderscheiden. Die mevrouw vertelde ook nog dat ik op dat moment een zingende Grote Rietzanger (of zoiets) hoorde. Ik had wel mooi vogelgezang gehoord, maar als ik ingespannen aan het schilderen ben, hoor ik niets meer. Dan kan ik de wereld volledig buiten sluiten. Zo nu en dan ging ik op het krukje zitten om een sigaret te roken (ja, ik moet er vanaf) en naar het schilderij te kijken. Dan kon ik naar het vogelkrakeel luisteren. Gedoe van meerkoeten (met jongen) en fuuten op de plas; dat vind ik leuk om naar te kijken. Een echte vogelaar zijn zit er niet in: zij gaan en masse, met telelenzen, naar een hoogfluitende roodaarshopper staan kijken. Mij gaat het meer om het gedoe; ik kan ontzettend genieten van mijn tuinmerels en hun jongen.   
Ik heb deze keer met olieverf geschilderd. Laurens Boersma had ooit eens gezegd dat ik het eens met olieverf moest proberen, omdat mij dat waarschijnlijk beter lag. Acryl, en zeker als het warm en zonnig is, is nogal weerbarstig. Nu was de olieverf weerbarstig en verlangde ik naar acryl. Toen het echt helemaal nat was en ik geen correcties kon aanbrengen zonder de boel door elkaar te smeren, ben ik naar huis gegaan.
Vandaag heb ik het meegenomen naar het atelier. En daar is alles veranderd!  Een brede kwast, bakjes verf en het beeld in mijn hoofd.

De foto hiernaast is het schetsje in aquarel dat ik eerst gemaakt heb om de compositie te bepalen.
Het schilderij is nog niet af.

dinsdag 15 mei 2012

Atelierexpositie op 20 mei



Round Lake 4 november 2011
Ik heb de lijstjes geschilderd en in de tinwas gezet, schilderijtjes erin vastgemaakt. Gekeken of ik groepen van plekken zal maken. Ze zijn in verschillende jaargetijden geschilderd, vaak op dezelfde plek.
David Hockney had het in zijn documentaire over het moment in het voorjaar, dat alles in 1 week uitbarst. Knoppen springen open en aan het eind van die week is alles uitbundig groen.
Round Lake 17 april 2011
Dit jaar heb ik dat een beetje gemist. Ik zat op 26 maart in de Voorveldse Polder. Alles was nog bruin. Het enige heldere groen kwam van het riet dat 15 cm. hoog was. Toen ik een week later terug kwam om een nieuw schilderij te maken, was het riet 25 cm langer en de bomen waren groen!
Vorig jaar was ik tijdens deze ‘burst’-week bij Jelle in Connecticut. Alles was kaal, toen ik aankwam op 15 april. Zij wonen in het bos naast een enorme (natuurlijke) vijver. Ze hebben geen kind aan mij, want ik schilder in hun tuin. Ik wordt geroepen voor de lunch. Ideaal! Ik voel me zoals Monet zich moet hebben gevoeld in Chiverny. Nu nog net zo mooi leren schilderen.
Toen ik 10 dagen later daarna vertrok, was groen de overheersende kleur. Ik was in die week met 3 schilderijen bezig, die steeds veranderden, omdat het hele zachte groen van het begin steeds harder werd.
Ik denk dat ik bij voorbeeld zo’n groepje bij elkaar hang.
Mijn atelier is een chaos, de komende dagen zal ik daar orde in scheppen. En nog een paar schilderijen afmaken.
Als je dit blog leest en wilt komen kijken:
Zondag 20 mei
1 tot 6 uur
2e Daalsedijk 103, Utrecht